Denise Betsema heeft op een indrukwekkende manier de Ethias Cross in Beringen op haar naam geschreven. De Nederlandse reed van start tot finish aan de leiding, de concurrentie streed voor de tweede plaats.

Op het mountainbikeparcous in Beringen keek iedereen naar titelverdedigster Annemarie Worst en wereldkampioene Ceylin del Carmen Alvarado. De twee Nederlandse dames waren een week geleden nog één en twee in Gieten en hebben bovendien een pak ervaring in het mountainbiken.

Het was echter Denise Betsema die van bij de start de wedstrijd naar haar hand zette. Al in de eerste ronde sloeg de renster van Pauwels Sauzen-Bingoal een kloofje met de concurrentie, een kloofje dat ze achteraf alleen maar verder uitbouwde.

“Na de eerste ronde heb ik Denise niet meer gezien”, grapte Alvarado na de aankomst. De wereldkampioene vocht in de achtergrond met Worst en de Italiaanse Eva Lechner – ook een renster met ervaring in het mountainbiken – voor de tweede plaats.

Worst viel na een stuurfout in de voorlaatste bocht letterlijk weg in de strijd voor het podium. In de sprint voor de tweede plaats was Alvarado te sterk voor Lechner.

Betsema: ‘Goed voor de gemoedsrust’

“Ik had echt goede benen vandaag en dat is wat je nodig hebt op zo’n zwaar parcours”, reageerde Betsema. “Natuurlijk heb ik ook afgezien. Maar ik voelde me geweldig in mijn element. Op de beklimming kon ik tijd pakken, terwijl ik in de afdalingen wellicht wat verloor omdat ik niet te veel risico’s wilde nemen. Maar op de daaropvolgende klim kon ik dat wel weer goedmaken.”

Dat ze klimmen wel leuk vindt, lachte ze de tanden bloot. “Ik kende dit parcours ook, omdat hier eerder al mountainbikewedstrijden reed. Maar het was wel mijn eerste deelname in een veldrit hier, dus wilde ik toch afwachten wat dat gaf. Maar dat is dus goed uitgedraaid.”

“Toegegeven, ik werd de voorbije weken lichtjes onrustig omdat een overwinning uitbleef. Dan doet dit echt heel goed. Dit had ik even nodig voor de gemoedsrust. Het is wel zo dat ik een tijd last heb gehad van een tekenbeet. Stilaan komt de topvorm er nu wel aan.”

Foto: Photopress.be

Italië boven op de Avonturenberg. In Limburg hoor je de Italiaanse taal wel vaker, maar in de cross is het de laatste jaren veel minder ingeburgerd. Bij de junioren zorgde Lorenzo Masciarelli nog eens voor een overwinning.

De wedstrijd bij de junioren bleef lange tijd gesloten. Halfweg de wedstrijd had een kwartet – Lorenzo Masciarelli, Lukas Van der Linden, Jente Michels en Matej Stransky – zich van de rest afgeschud, maar niemand slaagde erin om definitief het verschil te maken.

“Dit was een van de zwaarste parcours die ik al ben tegengekomen”, zei winnaar Masciarelli achteraf. “Wie hier in het begin alles gaf, moest dat op het einde cash betaalde. Dus wachtte ik tot de laatste ronde om aan te vallen. Ik heb geprobeerd om solo te gaan, zonder succes.”

Slechts één renner kon mee in het spoor van Masciarelli. Van der Linden pikte zijn wagonnetje aan bij de Italiaan en reageerde met een nieuwe aanval. “Op dat moment heb ik alles op alles gezet om als eerste aan de afdaling te beginnen, daar was Lukas normaal sterker dan ik.”

Met twee vatten ze de laatste rechte lijn aan. “In de sprint was ik gelukkig de sterkste. Op twintig meter van de streep was ik al zeker van de zege. Vorige week was ik al aan het feest in Itaië, dit is mijn eerste zege van het seizoen in België.”

Een opsteker voor Masciarelli, die de felicitaties van ploegleiders Gianni Meersman en Mario De Clercq in ontvangst nam. “In België zijn alle wedstrijden zoals een WK, daarom is het ook zo belangrijk om hier te winnen. Na een minder seizoen vorig jaar doet het deugd om de draad nu terug op te pikken.”

In de Ethias Cross in Beringen stonden er opnieuw wedstrijden voor de jeugd op het programma. Viktor Vandenberghe sprintte naar de zege bij de nieuwelingen. Bij de eerstejaars hield een zware valpartij Axel Van den Broek niet van de overwinning.

Voor het eerst dit seizoen werden er door Ethias Cross opnieuw veldritten voor de jeugd georganiseerd. De eerstejaarsnieuwelingen beten de spits af en al snel probeerde Axel Van den Broek de wedstrijd naar zijn hand te zetten. De veldrijder uit Ravels voerde bij de eerste klim van de Avonturenberg meteen de forcing en sloeg al meteen een kloofje.

In de afdaling liep het echter mis. “Ik raakte een steen, ging onderuit en schoof een paar meter naar beneden”, aldus Van den Broek. “Ik voelde een brandende pijn aan knie, heup en schouder en heb zelfs even aan opgeven gedacht.”

Van den Broek zette echter door en snelde in de tweede ronde opnieuw naar de leiding. “Even de knop omdraaien en de pijn vergeten. Dit is gewoon een heel leuk parcours, ik was hier al een paar keer gepasseerd om te mountainbiken. Ook de afdalingen vind ik wel fijn, al kan er zoals vandaag wel eens iets fout lopen.”

Van den Broek reed solo naar de overwinning. “De vierde zege in vier wedstrijden”, glunderde de nieuweling. In de achtergrond reden Ieben Jacobs en Senne Bossaerts naar de andere podiumplaatsen.

Vandenberghe: ‘Dit was nochtans niet mijn parcours’

Bij de tweedejaarsnieuwelingen gingen de bloemen naar West-Vlaanderen. De Tsjech Vaclav Jezek probeerde in de eerste rondes het verschil te maken. Zonder succes. In de slotronde haalde Viktor Vandenberghe de sloophamer boven.

“De eerste rondes probeerde ik in derde positie die Tsjech te volgen”, legt Vandenberghe uit. “Omdat het zo’n zwaar parcours was, heb ik gewacht tot de laatste ronde om toe te slaan. Dat was voldoende om een kloofje te slaan, al kwam in de afdaling Antoine Jaumin nog heel dicht.”

Vandenberghe had nog wat energie in de tank en zette van ver de sprint aan. “Ik wou niets aan het toeval overlaten en moest nog alles op alles zetten om hem af te houden.” Met een oerschreeuw reed de nieuweling van Callant-Pauwels Sauzen over de streep. “Mijn derde zege in vijf wedstrijden. Nochtans was dit niet mijn pacours. Geef mij maar modder in plaats van die technische afdalingen.”

Jaumin strandde in het wiel van Vandenberghe op de tweede plaats. Jente Michels stond als derde op het laagste podiumtrapje.

Zaterdag zijn we al aan de derde Ethias Cross van dit nog prille seizoensbegin toe. Op de mijnterril ‘be-MINE’ in Beringen is het klimmen geblazen. Quinten Hermans is titelverdediger. “Een topcross op uniek terrein, maar voor mij komt dit helaas net iets te vroeg op het seizoen.”

Quinten Hermans kwam in de openingsrit van de Dauphiné (half augustus) zwaar ten val. De schade leek aanvankelijk mee te vallen, maar de diagnose werd achteraf bijgesteld. Een bloeduitstorting verborg namelijk een dubbele spierscheur in de rechtervoorarm. Achteraf werd hij ook nog eens met spoed in het ziekenhuis van Herentals opgenomen om een infectie schoon te maken. In totaal werd Hermans drie keer geopereerd. Pas vorige week kon hij de competitie hervatten in de Superprestigemanche in Gieten.

De 25-jarige Limburger van het Tormans CX-team startte er voortvarend, maar zakte snel weg. “Ik ben nog niet klaar om op zo’n zwaar parcours al iets te betekenen”, geeft hij toe. “Mijn lichaam is nog niet volledig hersteld van de ‘rommel’ zoals antibotica en de verdoving voor de operaties. Niet onlogisch, maar ook niet fijn om vast te stellen. Vooral met de wedstrijd van Beringen in het achterhoofd. Na mijn zege van vorig jaar, was ik er – als klimmer – graag opnieuw als topfavoriet gestart. Nu moet ik blij zijn als ik de wedstrijd met een goed gevoel zal beëindigen.”

Niettemin kijkt Hermans uit naar deze klimklassieker in wording. “Superlastig door de vele steile passages en extra uniek door de specifieke ondergrond (ontstaan door ophoping van gruis en afval afkomstig van de steenkoolwinning, red) waar we op rijden. Voor mij zijn Eli Iserbyt en Toon Aerts de topfavorieten. En ik denk ook dat lichtgewicht Lars van der Haar een rol van betekenis kan spelen.”

Alvarado vs Kastelijn en Worst

Bij de dames wordt een duel verwacht tussen wereldkampioene Ceylin del Carmen Alvardo, klimmer Yara Kastelijn en Annemarie Worst, die vorig jaar de eerste editie bij de dames op haar naam schreef. Voor het eerst dit seizoen mag ook de jeugd opdraven in een tv-cross. En daar is massale belangstelling voor.

Net als Lokeren en Kruibeke wordt ook deze Ethias Cross achter gesloten deuren en met de nodige veiligheidsmaatregelen rond Covid-19 georganiseerd. Uiteraard hoeft de veldritfan niets te missen: zowel de dames- als de herenwedstijd zijn live te volgen op VTM.

Programma Beringen:
• 12u45 Nieuwelingen 1ste jaars
• 13u30 Nieuwelingen 2de jaars
• 14u30 Junioren
• 16u00 Rectavit Ladies Cross (live op VTM)
• 17u15 Elite & U23 Heren (live op VTM)

Vorig jaar sloot Mathieu Van der Poel het kalenderjaar af met een zege in de Ethias Cross Bredene en dat wil de wereldkampioen veldrijden dit jaar opnieuw doen. De Nederlander heeft donderdag zijn deelname officieel bevestigd. Dit jaar vindt de Sylvestercross plaats op woensdag 30 december.

Van der Poel rijdt komende winter een beperkt veldritprogramma en de Ethias Cross in Bredene is één van de zes crossen die al zeker op zijn programma zullen staan. De andere zijn de Scheldecross in Antwerpen (Trofee Veldrijden, 12/12), de Citadelcross in Namen (UCI World Cup, 20/12), de Azencross in Loenhout (Trofee Veldrijden, 29/12), de GP Sven Nys in Baal (Trofee Veldrijden, 01/01) en de Flandriencross in Hamme (Trofee Veldrijden, 23/01).

Organisator Christophe Impens (Golazo) is erg tevreden met de plannen van de wereldkampioen: “Mathieu rijdt maar twee maanden in het veld, dus we zijn erg blij dat we hem in zes van onze crossen aan de start krijgen. Zelfs als we alle crossen achter gesloten deuren moeten organiseren – zoals het er voorlopig helaas nog steeds uit ziet – betekent de aanwezigheid van Mathieu een flinke meerwaarde voor het spektakel, in dit geval voor de tv-kijker.”

Mathieu van der Poel kijkt al uit naar het veld: “Ik ben in de eerste plaats blij dat deze wedstrijden doorgaan ondanks de huidige situatie. Mijn veldritseizoen begint zo ook vorm te krijgen. Ik wil in de maanden december en januari zoveel mogelijk crossen. Dit zijn zes mooie crossen, allemaal vaste waardes op de kalender die in het verleden altijd voor spektakel hebben gezorgd. Uiteraard blijft het niet bij deze zes, binnenkort zullen we nog extra wedstrijden bekendmaken. Hoe dan ook kijk ik er naar uit om deze winter weer het beste van mezelf te geven.”

Kruibeke en Toon Aerts: het is duidelijk een goed huwelijk. De Telenet Baloise Lion, die zich in 2019 nog tot Belgisch kampioen kroonde in Kruibeke, hield zaterdag Laurens Sweeck en Eli Iserbyt af in de tweede Ethias Cross van het seizoen. 

Met z’n drietjes beheersten ze de wedstrijd in Kruibeke: Belgisch kampioen Laurens Sweeck, zijn voorganger Toon Aerts, en Eli Iserbyt, de winnaar van de eerste Ethias Cross in Lokeren. Een duo van Pauwels Sauzen – Bingoal tegen een eenling van de Telenet Baloise Lions dus, maar de leeuw liet flink zijn klauwen zien. 

Het draaide uit op een bijzonder fraaie driestrijd waarin de koplopers één na één prikjes plaatsten. Bij het ingaan van het laatste wedstrijdkwart forceerde Aerts uiteindelijk de beslissing. Sweeck bleek de taaiste tegenstander, kwam in de slotronde nog bijna aansluiten, maar op de streep kwam hij twee seconden tekort. 

Iserbyt, afgeremd door een pijnlijke knie, finishte als derde. De verrassing in de kleigroeve van Argex kwam van de piepjonge Thibau Nys: de eerstejaarsbelofte finishte na Lars van der Haar als vijfde, en kon zo op zijn zeventiende voor het eerst schitteren tussen de profrenners. 

Aerts: “Genoten van de strijd” 
Uiteraard stond Aerts na zijn eerste seizoenszege te blinken. Hij had niet alleen genoten van het winnen zelf, maar ook van de spannende strijd die eraan vooraf ging. “Het was een lastige wedstrijd, zowel fysiek als mentaal. Ik, Laurens en Eli waren heel sterk aan elkaar gewaagd. Het was dan ook belangrijk om zo weinig mogelijk foutjes te maken. Al was dat met de vele grachten en de getrokken sporen bijna onmogelijk. Het bleef zo spannend tot het eind. Laurens bleek heel taai.” 

“Net als twee jaar geleden, toen in de States, win ik mijn tweede cross van het seizoen. Een goed begin, en ik denk dat ik het vervolg met vertrouwen tegemoet mag zien. Hopelijk wordt het een lang seizoen, al blijft het afwachten wat er nog allemaal zal gebeuren in deze coronatijden. Er vallen hier en daar al crossen weg, terwijl ik zelf meer hou van weekends met twee crossen op de agenda. En zwaar mag het ook zijn. Moddercrossen, in plaats van stof.” 

Sweeck en Iserbyt: “Toon was de sterkste” 
Zowel Laurens Sweeck als Eli Iserbyt waren sportief in het verlies: “We hadden het niet beter kunnen spelen met ons tweeën, we konden ons numerieke overwicht goed benutten. Maar uiteindelijk was Toon de sterkste, denk ik”, reageerde Sweeck. “Ik denk dat hij lang niet in zijn kaarten heeft laten kijken, want toen Toon aan het einde doortrok, moesten we alle twee toch een beetje plooien.” 

En dat vond ook Eli Iserbyt: “Ik voelde me nog een beetje gelimiteerd door mijn blessure van vorige week (toen hij zijn knie hard stootte in de start van Lokeren), maar al bij al zat het tempo wel goed. Als ik echt super ben, ben ik op een omloop als vandaag ook goed, maar dat procentje extra had ik vandaag niet. Ik denk dat Toon gewoon de sterkste was.”

Drie Nederlandse vrouwen op het podium: na Lokeren gebeurde het ook in de tweede Ethias Cross in Kruibeke. Toch waren de namen anders: Lucinda Brand (Telenet Baloise Lions) ging in extremis over koploopster Yara Kastelijn. Denise Betsema werd derde. 

Belgisch kampioene Sanne Cant en Brits talent Anna Kay lieten zich zien in de beginfase van de tweede Ethias Cross, maar het Nederlandse legioen nam snel over. Europees kampioene Yara Kastelijn voelde zich duidelijk prima in de blubber en sloeg een kloofje, maar haar landgenotes Brand en Betsema bleven druk zetten. 

De voorsprong van Kastelijn leek voldoende, maar in de slotronde kantelde de situatie toch. Brand ging op en over de koploopster, en snelde met dertien seconden voorsprong naar haar eerste seizoenszege. Kastelijn hield wel nog Betsema af in de strijd voor plek twee. De nummers 1 en 2 van Lokeren, Aniek van Alphen en Manon Bakker, bolden als vierde en vijfde over de streep. De Belgische vrouwen Cant, Laura Verdonschot en Ellen Van Loy vulden plaatsen zeven tot en met negen. 

Brand: “Altijd in blijven geloven” 
Nooit opgeven: het leverde Brand dus de overwinning op in Kruibeke. “Eigenlijk was het al van de eerste minuut een achtervolgingsrace. Maar ik bleef er altijd in geloven. Want ik wist dat elk foutje op dit parcours fataal kon zijn. Daar rekende ik wel een beetje op, terwijl ik zelf foutloos bleef. Uiteindelijk kon ik op de loopstroken het verschil maken. Lopen, daar hou ik van.” 

Lessen trekken voor de rest van het seizoen, dat doet Brand niet. “Dit zegt niets voor de rest van mijn winter. Het blijft elke week hard werken. Er is wel progressie, want ik voelde me beter dan vorige week in Lokeren. Al speelde het mentaal wel een rol dat er geen publiek was. Ik ben een renner die geniet van de aanmoedigingen, en van de sfeer. Maar het is wat het is: winnen is winnen.”

Amper zeven dagen na de eerste manche van de Ethias Cross staat zaterdag de tweede proef op het menu. Plaats van afspraak is deze keer Kruibeke, dat ons – noodgedwongen – een nieuw parcours voorschotelt.

Het deelnemersveld in Kruibeke is vergelijkbaar met dat van Lokeren van vorige week. Met Eli Iserbyt, Toon Aerts, Laurens Sweeck, Michael Vanthourenhout, Ryan Kamp en Lars van der Haar als toppers bij de heren. Zijn ondertussen ook aan veldrijden toe: Corné van Kessel, Felipe Orts en Antoine Benoist. Zij maken de Ethias Cross in Kruibeke nog net dat tikkeltje interessanter.

Bij de dames voeren net als vorige week Denise Betsema, Yara Kastelijn, Sanne Cant, Lucinda Brand, Anna Kay en Laura Verdonschot het startveld aan. Al bewezen Aniek van Alphen en Manon Bakker in Lokeren dat de damestop er niet op versmald is. Kunnen zij een vervolg breien aan hun stunt in Park ter Beuken? Ook beloftenwereldkampioene Marion Norbert Riberolle is er voor het eerst dit seizoen bij.

Weidecross

Gloednieuw in Kruibeke is het parcours in de Argex-kleigroeve. Wellicht een eenmalige verhuis. “De verhuis naar de Argex-kleigroeve was de ideale oplossing om in coronatijden toch te mogen organiseren”, vertelt organisator en parcoursbouwer Kurt Vernimmen. “We mogen immers geen publiek ontvangen. Dan is de kleigroeve – die zich op privéterrein situeert – makkelijker afsluitbaar dan onze normale locatie, waar zich onder meer de gemeentelijke sporthal bevindt.”

De Polderscross wordt dit jaar vooral een vlakke weidecross, meent Vernimmen. “Het parcours is uitgetekend op open weides, doorspekt met enkele brede grachten waar we optimaal gebruik van maken. Het wordt een snelle omloop waarop de renners wellicht maar één keer van de fiets moeten.” Ondanks de overvloedige regenval van de voorbije week, blijft de ondergrond er vooralsnog relatief snel bijliggen. Al is er stilaan toch sprake van enkele korte modderpassages.

Net als Lokeren vorige zaterdag, wordt dus ook deze Ethias Cross publieksvrij georganiseerd. Uiteraard hoeft de veldritfan niets van de actie te missen: zowel de dames- als de herenwedstijd zijn live volgen op VTM.

Programma Kruibeke:
• Start uitzending 16u00
• Vrouwen: 16u15 – 17u00 (17u05)
• Mannen: 17u30 – 18u30
• Einde uitzending +/- 18u50

Net als vorig jaar begint Eli Iserbyt uitstekend aan het veldritseizoen. In de openingsmanche van de Ethias Cross pakte de West-Vlaming uit met een lange solo. Toon Aerts werd tweede na een knappe achtervolgingswedstrijd, terwijl Pauwels Sauzen-Bingoal met Laurens Sweeck een tweede pion op het podium posteerde.

Meer dan 70 deelnemers voor deze Ethias Cross. Tom Meeusen schoot het best uit de startblokken, gevolgd door zowat het complete blok van Pauwels Sauzen-Bingoal: Laurens Sweeck, Michael Vanthourenhout, Eli Iserbyt, Toon Vandebosch en Ryan Kamp. Ook Niels Vandeputte haakte zijn wagonnetje aan en mengde zich een tijdlang in de strijd. Van de favorieten misten we voorin alleen Toon Aerts, die zijn start compleet de mist zag ingaan.

Net voor halfkoers achtte Eli Iserbyt zijn moment gekomen. Hij versnelde en niemand bleek in staat om hem te volgen. Laurens Sweeck toonde zich overigens de ideale teamspeler en stopte goed af. Eli Iserbyt wachtte een lange solo, die hij succesvol afrondde. Toon Aerts was ondertussen hersteld van zijn rampzalige start en knokte zich nog naar de tweede plaats. Maar Iserbyt bedreigen zat er niet meer in.

Laurens Sweeck hield ploegmaat Michael Vanthourenhout van de derde podiumplaats. En met Ryan Kamp op vijf en Toon Vandebosch op zes, scoorde de ploeg van Jurgen Mettepenning wel extreem goed in Lokeren. Lars van der Haar, Niels Vandeputte, Jim Aernouts en Jens Adams waren de andere namen in de top tien.

“Vertrouwen opgedaan op BK”
“In de openingsronden moest ik er wat inkomen, maar daarna ging het steeds beter”, aldus Iserbyt. “Achter mij werd een foutje gemaakt en ik kon een kloofje slaan. Met dank aan de ploegmaats die afstopten. Eenmaal Toon Aerts in tweede positie, focuste ik vooral op het behouden van de kloof en zocht ik een tempo dat ik kon aanhouden.”

Dat hij gediend was door het weer, gaf Isebyt nog mee. “Daardoor werd de techniek belangrijker. Ik ben nog niet in topvorm, maar met een goede techniek kan je dat op dit parcours wel een beetje verdoezelen. Maar een echte versnelling had ik vandaag nog niet in de benen. Uiteraard geeft dit vertrouwen. Vertrouwen dat ik ook al opdeed tijdens het BK, waar ik mee was met de kopgroep. Daar merkte ik dat de vorm nu al aanvaardbaar is.”

Aerts: “Eli nooit gezien”
Toon Aerts miste zijn start. “Ik schoot uit mijn klikpedaal en zo kwam het dat ik Iserbyt vanaf dan niet meer gezien heb. Ik geraakte bovendien ook nog in een fout spoor, wilde daar uit geraken en dat zorgde ervoor dat mijn stuur los kwam te staan. Ik wisselde van fiets, maar daar had ik ook wat problemen mee. Dit waren toestanden die eigen zijn aan een eerste cross van het seizoen”, zuchtte Aerts

“Zo waren al na de eerste ronde mijn winstkansen al weg. Toen ik eindelijk vooraan kon aansluiten, was Iserbyt al lang gaan vliegen. Ik maakte wel enkele goede ronden, maar dat was niet voldoende om het een sterke Iserbyt lastig te maken. Vorig jaar was die ook al sterk in het begin van het seizoen. Dat had ik toen niet verwacht, nu wel.”

Belgisch kampioen Laurens Sweeck finishte als derde. “Deze sterke teamprestatie biedt perspectieven”, vertelde Sweeck. “Toen Eli een kloof had geslagen, was het aan ons om af te stoppen en de boel stil te leggen. Zo hebben we ook ons aandeel in zijn zege. Ik kan vrede nemen met die derde plaats. Het is er nog wat inkomen, zo die eerste cross van het seizoen. Iserbyt was duidelijk de beste. Hij hield van bij de start meteen een heel strak tempo aan en toen hij ging aanvallen, wist ik genoeg.”

Aniek van Alphen schonk haar nieuwe team Credishop-Fristads een knappe eerste zege van het seizoen. De amper 21-jarige Nederlandse haalde het na een spannende strijd van haar ploeggenote Manon Bakker. Ook al een verrassende naam. Lucinda Brand (Telenet-Baloise) maakte de top drie vol.

Het was Denise Betsema die als eerste het veld indook en meteen een kloofje sloeg. Maar de kopvrouw van het Pauwels Sauzen-Bingoalteam kon die kloof niet verder uitdiepen. Meer zelfs, ze kreeg snel het gezelschap van het het duo Van Alphen-Bakker. En nog wat later moest Betsema de twee ploegmates ook laten rijden.

In de finale vochten Van Alphen en Bakker een mooie strijd uit, die Van Alphen in haar voordeel beslechtte. Ze haalde het uiteindelijk met een bonus van een handvol seconden op Bakker. Lucinda Brand maakte het Nederlandse feestje compleet met een derde plaats, weliswaar op bijna een minuut van het Credishopd-tweetal. In de tweede wedsdtrijdhelft deed Brand nog haasje-over met Betsema.

“Mooi om onze nieuwe sponsor in de verf te zetten”
Europees kampioene Yara Kastelijn maakte de top vijf vol, voor Sanne Cant en Laura Verdonschot, die de Belgische eer probeerden hoog te houden. Ook Shirin van Anrooij, Anna Kay en Ellen Van Loy finishten nog in de top tien.

“Dit had ik niet verwacht”, reageerde de winnares na haar zege. “Maar het is mooi om onze nieuwe sponsor Credishop meteen in de verf te zetten. Dit geeft in elk geval veel vertrouwen voor de rest van het seizoen. Ik reed een heel lang wegseizoen, waarin ik de conditie op punt kon zetten. Maar dat dit zo zou uitpakken, is geweldig.”

In de finale rekende Van Alphen af met Bakker. “Toen ik een laatste keer aan de beklimming van de Mont Henri begon met een kleine bonus, wist ik dat de buit binnen was. Ook al bleef ik haar natuurlijk in de gaten houden. Mocht het alsnog tot een sprint gekomen zijn, dan ging het immers link worden, maar dat gebeurde dus gelukkig niet.”